Marc Hoppenbrouwers vertelt over...

3 tips om de rondgang te verbeteren

Het probleem dat we tegenkomen bij het uitvoeren van de rondgangen is eigenlijk hoofdzakelijk dat mensen het zien als een verplicht nummer.

Ze gaan heel impulsief te werk en denken vooral dat omdat het verplicht is vanuit de wetgeving, en dan denk ik met name aan de rondgangen van het Comité, het CPBW. Doordat het een verplicht nummer wordt en ze het onvoldoende voorbereiden, wordt het eigenlijk een “walk in the parc”. Het wordt repetitief uitgevoerd en de aandacht gaat eigenlijk verloren naar echt het doel van de rondgang op zich.

De rondgang heeft meerwaarde omdat het een absoluut visueel aspect is en dat werkt in 2 richtingen:

  • Enerzijds de werkvloer die ziet dat er een betrokkenheid is, mensen komen tot bij hen, bekijken de problemen.
  • En tegelijkertijd is er ook het visuele aspect dat telt bij de mensen die beslissingen moeten nemen of genomen hebben en die dus komen kijken naar de realisaties op de werkvloer over de problematiek die ontstaat op de werkvloer.

Goede rondgangen daar zijn natuurlijk een aantal tips voor die je moet volgen. De drie belangrijkste zaken zijn om te beginnen:

  1. Een heel goede voorbereiding en de tip hierbij is “een doelstelling”. Het is absoluut noodzakelijk om te weten waar je naar toe gaat kijken en dat je dit op voorhand goed definieert. Dat hoeft niet altijd negatief te zijn. Een rondgang mag ook positieve elementen omvatten: we hebben iets nieuws geïntroduceerd, we hebben iets nieuws geïmplementeerd en we gaan dat eens bekijken hoe dat werkt en met de mensen er over spreken.
  2. Het tweede aspect is dat je werkt aan de efficiëntie van de rondgang:
    • niet te grote groepen want dan wordt het nogal snel een stoet en de laatste mensen in de stoet zijn meestal niet meer aandachtig mee met het verhaal.
    • Maar tegelijkertijd is het dan ook weer zo dat je de onderwerpen heel selectief kiest en dat je zorgt dat de mensen die meegaan relevantie hebben naar het onderwerp toe. Ik denk dan bijvoorbeeld aan de arbeidsgeneesheer maar ook de preventieadviseur, een aantal comité-leden. Maar daarnaast is het ook goed om de mensen van de werkvloer zelf te betrekken en daar moet je een heel goede selectie in maken.
  3. En dan tenslotte, dit wordt vaak vergeten, een rondgang stopt niet bij het einde van de rondgang. Er is ook een nazorg, een verslag en er is dikwijls nog een nabespreking.

En als je die 3 fasen goed respecteert dan heb je een rondgang die heel efficiënt en ook rendementsvol gehouden wordt.